Gepubliceerd op: 22-10-2019

In het onderwijs gaat het momenteel volop over eigenaarschap van leerlingen. In veel scholen waar ik kom zie ik dat de fysieke ruimtes anders worden ingericht. Leerkrachten voeren kindgesprekken met de leerling, waarbij de leerling de gespreksleider is. In kasten (of op devices) zie ik leerlinggestuurde -en natuurlijk gepersonaliseerde/adaptieve- methodes. Oftewel: de leerling als stuurman van zijn of haar leerproces. Heel belangrijk in deze tijd en ook goed dat er zoveel aanbod is om eigenaarschap bij leerlingen te stimuleren. Alleen één aspect lijkt bij eigenaarschap van leerlingen wat onderbelicht: de rol van de leraar in deze leerlinggestuurde omgeving.

En dat is opvallend, want om leerlingen meer eigenaarschap te geven, is er meer nodig dan het aanpassen van de klasopstelling en de methodes. Als een leerling volop keuze heeft, zelf zijn of haar leerproces kan sturen en hiervan eigenaar mag zijn, is het van belang dat een leerling ook weet hoe hij of zij dat kan doen. Want hoe krijg je een leerling daartoe, vooral een leerling die eigenlijk alles ‘saai’ vindt of als standaardzin heeft: ‘ik weet het niet’. Daar is de gelukkig ook iets op gevonden; de leerkracht als coach.

Ja, leerkrachten die coachen! Waar veel onderwijzers zijn opgeleid om te doceren, wordt nu een beroep gedaan op de leerkracht als coach in plaats van de leerkracht als didacticus. Aan de vijf rollen van de leraar (Martie Slooter) is een zesde rol toegevoegd; namelijk die van coach. En dat is een boeiende, want bij coachen is de connotatie vaak; tijdrovend, samen praten, graven, zoeken naar oplossingen voor problemen óf vooral zoeken naar problemen. Oftewel; tissueboxen en ellelange gesprekken. Dat lijkt niet passend in het hectische bestaan van de meeste leerkrachten…

Wanneer we ons niet blindstaren op het woord coachen, blijkt dat coachen vooral gaat om het stellen van vragen. Socrates (toch de vader van de filosofie) coachte zijn leerlingen. Hij bevroeg zijn leerlingen voortdurend, zodat zij op die wijze tot inzicht kwamen in de wereld en in zichzelf. Dat was voor Socrates wellicht wat makkelijker dan voor de leerkrachten van nu. Wanneer je tussen 30 leerlingen staat en een leerling roept: “schrijf ik dit goed?”, is je eerste gedachte vast niet: ‘laat ik deze leerling nu gaan coachen’. Het is dan makkelijk en snel om “ja” of “nee” te antwoorden. Maar eigenaarschap geef je niet echt aan leerlingen door te antwoorden. Dit creëer je door te vragen, op de antwoorden van de leerling door te vragen en daarop feedback te geven.

Wanneer je jouw leerlingen eigenaar wilt laten worden van zijn of haar leerproces, dan maken de methodes of de klassenopstelling enig verschil. Wat direct werkt en in elke klassensituatie te gebruiken is, dat zijn jouw vragen als leerkracht. De vragen die je als leerkracht stelt, in plaats van de antwoorden die je aan leerlingen geeft, die zorgen voor eigenaarschap. Dus wanneer een leerling vraagt: “is dit goed?” en je neigt te zeggen: ‘ja’ of ‘nee’ kun je ook vragen: “wat denk je zelf”? of “Wat heb je gedaan om tot dit antwoord te komen?” Op die manier maak je de leerling zelf bewust en daarmee meer eigenaar van het leren.

Dat klinkt makkelijk en dat is het ook. Het vraagt bewustwording en een andere aanpak!

Onderbouwing:

Martie Slooter (2019)

Hattie en Timperlay (2007)

Met jouw team gaan voor eigenaarschap van leerlingen? Willen jullie hier handvatten voor? Vanuit Het Onderwijsbureau BV ondersteunen we op maat, waardoor jullie het onderwijs versterken van binnenuit. Een training op jouw school om meer eigenaarschap te creëren bij jouw leerlingen is er al vanaf € 1.500,-. Mail Marjolein voor meer informatie.